Hebben wij nog wel vertrouwen in de Lidwinaschool en Askoscholen?
Mensen - Scholen
zaterdag, 06 augustus 2016 09:32

Onze kinderen zitten op de Lidwinaschool in Amsterdam. Dit is een school van de organisatie Askoscholen. Dit is een organisatie die ruim 30 scholen rond Amsterdam bestuurt. Ik heb statistisch onderzoek gelezen waaruit blijkt dat als een dergelijke organisatie maar weinig scholen bestuurt de kwaliteit van deze scholen beter is. Het omgekeerde is dat organisaties die veel scholen besturen gemiddeld slechtere scholen besturen. Inderdaad vond onderwijsinspectie in 2014 dat het niveau van een aantal klassen onvoldoende was. Zie hier. Bij Askoscholen kunnen wij daar zelf weinig van merken. Wat we wel hebben gemerkt is dat de Lidwinaschool en Askoscholen slecht reageert op klachten van ouders. Daar hebben we over geklaagd bij de Commissie Onderwijsgeschillen.

In mijn klacht bij de Commissie Onderwijsgeschillen heb ik mij duidelijk uitgesproken tegen het gedrag van met name de directeur van de Lidwinaschool, Maarten Berkers, en de directeur van Askoscholen, Diane Middelkoop. Zij hebben zich niet-integer tegenover ons en tegenover andere ouders gedragen. Ik heb in mijn klacht de heer Berkers en mevrouw Middelkoop gevraagd te vertrekken. Dat laatste neem ik terug. De overplaatsing van mijn zoon en dat het vele TV-kijken gestopt is vind ik genoeg. Tijdens de hoorzitting beantwoordde de heer Berkers eindelijk de vraag wat hij van een breiende juf op het schoolplein vindt, dus zonder dat ze toezicht houdt op de kinderen. Hij keurt dat in principe niet af. Daar hebben wij vrede mee, wel verbaasd het ons dat we zo lang op dit antwoord moesten wachten. In 2015 zweeg Berkers toen wij hem deze vraag stelden. Toen wij deze vraag later schriftelijk aan Askoscholen stelden kregen wij er ook geen antwoord op. De Commissie Onderwijsgeschillen vroeg overigens niet door op Berkers' antwoord. Een voor de hand liggende vraag zou zijn geweest hoe er in ons geval adequaat toezicht was. De Commissie had bijvoorbeeld kunnen vragen hoeveel juffen er doorgaans toezicht houden op het schoolplein, en hoeveel er dan daadwerkelijk toezicht houden. En of de breitijd doorbetaald wordt door de school. Helaas is de Commissie niet bepaald kritisch.

Het niet-integere gedrag neem ik op de koop toe. Zolang er maar iets met specifieke klachten gebeurt, dat is het belangrijkste. En er wordt inderdaad iets gedaan met klachten, ook al is de school daar niet erg transparant in. Ondanks dat ik nul op het rekest heb gekregen van de Commissie Onderwijsgeschillen blijf ik overigens bij mijn standpunten wat betreft het niet-integere gedrag. Hoe de Commissie Onderwijsgeschillen tot haar oordeel is gekomen bespreek ik in een volgend artikel.

Het niet-integere gedrag is vervelend maar niet onoverkomelijk. Dus, wat mij betreft, zand erover, als jullie het maar niet weer doen! Onze ervaring is niet dat de school niet op klachten reageert. Meestal proberen ze de problemen wel op te lossen. Dus wat dat betreft hebben wij nog wel vertrouwen in de school en de heer Berkers. Wat wij niet goed vinden is dat wij en andere ouders zoveel moeten doen om iets voor elkaar te krijgen.

De juf had hem bijvoorbeeld gevraagd om ervoor te zorgen dat het rolgordijn weer open kon in de klas van mijn dochter. Er gebeurde niets. Ik vond het geen prettig idee als mijn dochter het hele jaar daar in het donker zou zitten. Om de warmte te weren had de school (onder de heer Berkers) ook al spiegelend glas laten aanbrengen. Ook in klassen waar dat niet nodig was. De juf dacht niet dat ik het voor elkaar kon krijgen. Dat strookte met mijn ervaring dat de heer Berkers alleen iets doet als er flink wordt aangedrongen. Ik heb daarom voor die ene keer mijn verzoek aan hem aan alle andere ouders ge-cc-ed. En warempel, ik kreeg voor elkaar wat de juf niet was gelukt. De directeur nam de email mij helaas wel kwalijk. Maar je moet nu eenmaal wat als ouder.

Zelden neemt de school het initiatief, tenzij de school iets van jou wilt. Verder probeert de heer Berkers klagers te ontmoedigen door niet met ze in gesprek te gaan. Zie ook deze brief van een andere ouder. Hij zegt daarbij dat klagen slecht voor de school is. Diane Middelkoop noemt zelfs dat klagen slecht voor onze kinderen zou zijn. Ze doen dat niet alleen bij ons. Bij de Commissie Onderwijsgeschillen heb ik hiervan nog 2 andere goed gedocumenteerde voorbeelden gegeven. Verder schepen ze klagers af met kul-argumenten. De heer Berkers heeft verder meerdere keren gelogen tegen ons, om onder onze klacht uit te komen. Diane Middelkoop stond erbij en deed er niets tegen. Zij steunde hem in zijn doorzichtige verdraaiingen. Ook de raad van bestuur van Askoscholen weet al jaren hoe de heer Berkers met ouders omgaat en doet er niets aan. Dat gedrag keuren wij dus af en noemen wij niet-integer.

De heer Berkers wordt al jaren door Askoscholen in zijn gedrag tegenover ouders gesteund. En ouders van een andere Askoschool hebben mij bevestigd dat daar ouders op een soortgelijke manier werden behandeld. Het zou daarom dus best eens kunnen dat de heer Berkers van het bestuur van Askoscholen de opdracht heeft gekregen om zich steeds zo op te stellen. In dat geval valt hem misschien niet zoveel te verwijten. Hij wil zijn werkgever niet tegen de haren in strijken en daar heb ik begrip voor. Dat hij meerdere malen een volstrekt ongeloofwaardige ontkenning tot het laatste moment heeft uitgesteld is verder een sterke aanwijzing dat zijn werkgever hem vertelt hoe hij zich tegenover ons moet opstellen. Ik heb het dan over 3 gebeurtenissen:

  1. zijn plotselinge draai tegen de Commissie Onderwijsgeschillen dat hij wel degelijk ons de reden van mijn zoon's schorsing heeft verteld (ook al is dat gezien de correspondentie zeer ongeloofwaardig),
  2. zijn ontkenning van het frequente TV-kijken maar liefst 2 maanden nadat wij daarover geklaagd hebben. Deze ontkenning kwam 2 dagen nadat ik zijn leidinggevende bij Askoscholen had laten weten dat hij niet antwoordde op mijn verzoeken om documenten over het TV-beleid. Die had ik gevraagd omdat Berkers het TV-kijken verdedigde onder het mom van "beleid".
  3. en zijn verrassende antwoord tegenover de Commissie Onderwijsgeschillen dat hij er geen probleem mee had als een juf tijdens het speelkwartier op het schoolplein in een breiwerkje verdiept op een stoel zat. Dit was een vraag die wij al eerder aan hem en Askoscholen hadden gesteld en waar we steeds geen antwoord op kregen.

Ik heb veel steun gekregen van andere ouders bij het indienen van mijn klacht. En het heeft gewerkt. Er wordt inmiddels inderdaad nog maar weinig TV gekeken in de klas. Wij hebben er vertrouwen in dat dat zo blijft. Hopelijk helpt dat ook de resultaten te verbeteren in de groepen waarvan die volgens de onderwijsinspectie onvoldoende waren. Ik hoop dat de heer Berkers iets gedaan heeft om de juf te verbeteren waar wij over hebben geklaagd. De klachten over deze juf zijn in ieder geval niet van vandaag of gisteren. Ik heb problemen met deze juf weten te traceren tot ongeveer 10 jaar terug. Ook heb ik er vertrouwen in dat er meer gedaan wordt aan het toezicht op het schoolplein. Dit zal ik nog in een apart artikel op deze site bespreken.

Askoscholen bedient zich van fraaie volzinnen om aan te geven dat ze veel doen om het met ouders eens te worden. Ze noemen zich een educatief partner van de ouders. Ook tegenover de onderwijsinspectie noemde de school deze term. De inspectie trapte er in: ze namen de term "educatief partnerschap" over in hun rapport. In het rapport stond niet hoe de school het educatief partnerschap wat betreft de communicatie met ouders invulde. Dat is erg vreemd want de onderwijsinspectie weet ook al jaren hoe dat bij de Lidwinaschool gaat.

Wat houdt educatief partnerschap in? Dat ze in brieven zetten dat klagen niet in het belang van je kinderen is? Dat ze het met de schooldirecteur eens zijn dat TV-kijken inderdaad valt onder het "spelenderwijs leren" van de schoolwebsite, omdat dat ontspanning is? En daarna deze term snel van de website van de school halen, zonder overleg met de Medezeggensschapsraad. Of een nietszeggende reactie van de school op een rapport van de onderwijsinspectie (2014) zonder de kritiek van de inspectie te erkennen? Dat zijn natuurlijk geen goede voorbeelden van educatief partnerschap. Wij hebben verder niets van een educatief partnerschap gemerkt. Maar het zal toch wel iets betekenen?

Nogmaals, ik heb heel veel vertrouwen in dat deze school en het bestuur ervan zich verder verbetert. Daarvoor is het wel nodig dat ouders kritisch blijven. En dat de school dit soort kritische geluiden niet steeds in de kiem smoort. Niet-integer gedrag is natuurlijk heel makkelijk te veranderen. Als men dat wil tenminste. Dat het slechts gewoontes zijn zonder slechte intenties geven die volzinnen over educatief partnerschap aan.

Ik heb er alle vertrouwen in dat als wij nog eens ergens een opmerking over hebben de heer Berkers de discussie niet uit de weg zal gaan, een klacht van ons niet zal traineren, ons niet zal proberen te intimideren, en geen onwaarheden tegen ons zal verkondigen. Met andere woorden, dat zijn gedrag een goed voorbeeld voor onze kinderen zal zijn. Zelfs als daar wat tijd overheen gaat vinden wij dat niet erg. Als het maar verbeterd en daar hebben wij vertrouwen in.

Lees verder: Hoe het ging bij de Commissie Onderwijsgeschillen tegen de Lidwinaschool en Askoscholen (I)